maandag 31 maart 2025

 Op 28 maart verscheen in De Morgen een open brief van 4 oud VRT-journalisten aan hun voormalige collega's. "De oude garde tikt haar opvolgers op de vingers. Terecht! Nu maar hopen dat de boodschap aankomt," postte ik op FB bij de link naar dit artikel. Daags nadien (in de weekend krant van 29 maart) antwoordde Bart Eeckhout in zijn column. Hierbij beide teksten gevolgd door mijn bedenkingen.

Open brief aan de VRT: ‘Jullie hanteren een terminologie die de oorlogstaal normaliseert en banaliseert’

Johan Depoortere, Ng Sauw Tjhoi, Dirk Tieleman en Walter Zinzen zijn oud-VRT-journalisten. Ze hekelen de oorlogshysterie en de eenzijdige voorlichting van de openbare omroep.

Johan Depoortere en Walter Zinzen e.a. – De Morgen, 28 maart 2025, 03:00

Beste ex-collega’s,

Verbijsterd kijken en luisteren ondergetekenden, oud-strijders van de nieuwsdiensten op de openbare omroep, naar jullie uitzendingen als het gaat over oorlog en vrede in Oekraïne en daarbuiten. We vragen ons af waar het evenwicht gebleven is in jullie berichtgeving tussen voorstanders van almaar meer bewapening voor België en Europa en voorstanders van vreedzame, diplomatieke oplossingen.

Dit blijkt vooral – maar niet uitsluitend – in de debatten die we in Terzake en De afspraak mogen aanschouwen. Voorstanders van herbewapening, meestal (gewezen) militairen, krijgen ongelimiteerd en zonder kritische vragen de gelegenheid hun mening ongezouten te verkondigen. Mensen met een andere mening worden hoogst zelden uitgenodigd en moeten zich uitgebreid verantwoorden. Dat Jonathan Holslag reserveofficier is en docent aan het NATO Defence College wordt hem nooit verweten, maar Tom Sauer, een wetenschapper die zich beroepshalve met vraagstukken van veiligheid en ontwapening bezighoudt, moet zich verantwoorden omdat hij actief is in de katholieke vredesbeweging Pax Christi.

Zelden of nooit wordt de kernvraag gesteld: betekenen meer vliegtuigen, tanks, drones en raketten inderdaad ook meer veiligheid voor de burger? Veiligheid van de burgers betekent ook dat Brusselaars de metro kunnen nemen zonder het risico te lopen doodgeschoten te worden door drugscriminelen. Verhogen meer F35-bommenwerpers dit soort veiligheid? En wat met de gevolgen van de klimaatcrisis, waarover geen enkele politicus zich nog zorgen schijnt te maken? Waarom stellen jullie die vragen nooit aan Theo Francken, de minister van Oorlog, die om de haverklap in jullie studio’s zit?

Oud-NAVO-baas Willy Claes pleit al een hele poos voor het opstarten van ontwapeningsgesprekken, zoals dat het geval was tijdens de Koude Oorlog. Dat deed hij ook in De afspraak. Maar zijn oproep viel op een koude steen. Niemand die eraan dacht de kijker uit te leggen hoe dat in elkaar zat.

Wat jullie wel doen, is een terminologie hanteren die de oorlogstaal normaliseert en banaliseert. In het journaal wordt het woord ‘oorlogsdreiging’ roekeloos en achteloos in het dagelijkse taalgebruik geïntroduceerd. Wat deze oorlogsdreiging precies inhoudt en of ze met de werkelijkheid overeenkomt, daar wordt niet op ingegaan. Voortdurend gaat het over ‘defensie-uitgaven’ waar eigenlijk ‘militaire uitgaven’ bedoeld wordt. Defensie is meer dan alleen militaire afschrikking en veiligheid, meer dan bescherming tegen buitenlandse agressie.

Slechtste NAVO-leerling

Waarom nemen jullie klakkeloos de bewering over dat België de slechtste NAVO-leerling van de klas is, omdat we de financiële norm niet halen? Vergeten wordt dat België wat deze uitgaven betreft in absolute cijfers op de veertiende plaats komt in de rangorde van de 31 NAVO-landen, dat is halverwege het peloton en niet aan de staart. Tussen 2017 en 2024 verdubbelde ons militaire budget tot 7,9 miljard euro. Hoezo onderfinanciering?

Een basisprincipe van de journalistiek is dat je een verhaal moet checken en dubbelchecken en het langs alle kanten belichten. Pas dan kan je de waarheid achterhalen. Eenzijdige voorlichting draagt daar niet toe bij. Terwijl dat precies is wat jullie doen. We hebben er uiteraard geen enkel bezwaar tegen dat de militaristen aan het debat deelnemen, maar waar blijft de tegenstem?

Waarom wordt nooit de vraag gesteld waarom voormalige Sovjet-staten zo nodig lid moesten worden van de NAVO? Op 9 februari 1990 heeft de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken James Baker publiekelijk gezegd dat de NAVO na de hereniging van Duitsland “geen inch” zou opschuiven naar het oosten. Die belofte is niet gehouden. Steeds meer aan Rusland grenzende gewezen Oostblok-landen werden lid van de NAVO.

In 2007 verwees Vladimir Poetin op de veiligheidsconferentie in München, in aanwezigheid van alle belangrijke NAVO- en EU-leiders, naar die niet gehouden belofte. Een jaar later werd op de NAVO-top in Boekarest, op aandringen van de Verenigde Staten, het NAVO-lidmaatschap beloofd aan Oekraïne en Georgië. Wat was daar zo belangrijk aan voor Europa? Dat het opnieuw de vijand werd van Rusland?

Werd Poetin voorheen door onder meer Tony Blair beschouwd als een ‘goede’ dictator, ondanks zijn vele misdaden, nu werd hij een ‘slechte’ dictator, een vijand van de NAVO.

Dat het mogelijke NAVO-lidmaatschap van Oekraïne de directe oorzaak was van de Russische invasie in februari 2022 maakte de voormalige NAVO-baas Jens Stoltenberg overduidelijk in een toespraak tot het Europees Parlement in september 2023. “Om oorlog te vermijden wilde Poetin ons een document laten ondertekenen waarin we beloofden dat Oekraïne geen lid zou worden van het bondgenootschap”, zei Stoltenberg en hij voegde eraan toe: “Natuurlijk hebben we dat geweigerd.”

Geloofwaardigheid

Dit rechtvaardigt uiteraard de Russische invasie niet maar de oorlog in Oekraïne zou er vermoedelijk nooit gekomen zijn als er, na de val van de Berlijnse Muur, een gemeenschappelijke veiligheidsstructuur was ontstaan, waar niet alleen Boris Jeltsin, de toenmalige Russische president, maar ook zijn jonge opvolger Poetin naar streefde.

Mogen we van een onafhankelijke openbare omroep niet verwachten dat hij onderzoek doet naar de oorzaken van die mislukking? Zou dat zijn geloofwaardigheid niet meer ten goede komen dan mee te stappen in de oorlogshysterie waarmee we om de oren worden geslagen?

We roepen daarom de opiniemakers bij de openbare omroep, de hoofd- en eindredacteuren en de journalisten op om hun eigen berichtgeving kritisch tegen het licht te houden en zich te beraden over hun opdracht om het publiek de beste onpartijdige en volledige informatie aan te bieden die beschikbaar is.

 

Bart Eeckhout antwoordt ex-VRT-journalisten: ‘Juist wanneer de wereld op hol slaat, is het zaak om koelbloedig te blijven’

Bart Eeckhout is hoofdcommentator van De Morgen. Ook in de open brief van de VRT-collega’s, zo schrijft hij, klinkt het weer dat de NAVO en Oekraïne de wrede invasie van Rusland toch een beetje aan zichzelf te danken hebben.

Bart Eeckhout, 28 maart 2025, 19:00

Met hun open brief aan hun vroegere werkgever bewijzen de oud-VRT-journalisten Walter Zinzen en Johan Depoortere dat je in een discussie, behalve gelijk of ongelijk, ook een klein beetje gelijk kunt hebben.

Zinzen en Depoortere hebben een klein beetje gelijk als ze de openbare omroep, en bij uitbreiding zowat alle media, aanwrijven nogal eenzijdig de stem te laten horen van de militaire herinvestering en weerbaarheid in België en Europa. Voor “voorstanders van vreedzame, diplomatieke oplossingen” is maar zelden plaats aan de debattafels, stellen ze.

Dat kan, ten dele, wel kloppen. Zelf ben ik van mening dat een versterkte focus op defensie en geopolitieke zelfredzaamheid in Europa misschien vervelend en ongelegen komt, maar niettemin noodzakelijk is, om onze veiligheid te garanderen. Zinzen, Depoortere of ook professor Tom Sauer vinden niet dat er meer geld naar ‘het leger’ moet gaan, en ook dat is een legitieme stem in het debat, maar wel een minderheidsstem.

Waar ik het met hen wel over eens ben, is dat we de grens moeten bewaken tussen het besef dat een wederopbouw van de landsverdediging noodzakelijk is en een logica die naar oorlogsenthousiasme neigt. Die grens dreigt soms te vervagen.

Juist wanneer de wereld op hol slaat, is het zaak om koelbloedig en nuchter te blijven.

Nochtans zou het verschil helder moeten zijn. Het is het verschil tussen de inzichten die bijvoorbeeld een expert als Michelle Haas deelt en anderzijds de steunbetuiging van militair instructeur ‘Fly’ in De afspraak voor ‘schietoefeningen op school’. Het zou wel handig geweest zijn als bij dat laatste ideetje iemand had gezegd dat we dat vooral niet moeten gaan doen. Juist wanneer de wereld op hol slaat, is het zaak om koelbloedig en nuchter te blijven.

Er is evenwel een belangrijk punt waarop Zinzen, Depoortere en vele andere vredesactivisten zichzelf volledig vastdraaien. Ook in de open brief klinkt het weer dat de NAVO en Oekraïne de wrede invasie van Rusland toch een beetje aan zichzelf te danken hebben. Hadden zij wel toenadering moeten zoeken tot elkaar? Het is victimblaming van de zuiverste soort.

Het is verbijsterend om uitgerekend pacifisten te horen instemmen met een radicaal imperialistische wereldvisie waarin de grootmachten andere landen hun zelfbeschikking mogen ontzeggen en de wereldkaart onder elkaar verdelen.

De bewering dat Vladimir Poetin enkel uit zelfverdediging handelt, negeert zijn diepe en vijandige misprijzen voor de liberale democratie waar de Europese Unie, met vallen en opstaan, voor staat. Waar is Poetin precies bang van? Dat Estland of Moldavië Rusland binnen gaan vallen?

Zou het kunnen dat Poetin vooral bang is van de aantrekkingskracht van democratische vrijheid? Dat hij wil vermijden dat Russische burgers zich in het hoofd halen dat de vrijheid die Oekraïners genieten/genoten en de welvaart die Litouwers of Esten bereikten ook iets voor hen is?

Voor vrede en diplomatie zijn we allemaal. Maar een vrede onder de eenzijdige voorwaarde van een imperialistische en antidemocratische aanvaller is geen vrede. Dat is onderwerping. Zeker pacifisten zouden begrippen als ‘vrede’ en ‘gedwongen capitulatie’ niet met elkaar mogen verwarren.

 

Enkele bedenkingen bij deze column

Bart Eeckhout zegt zelf dat je “… behalve gelijk of ongelijk, ook een klein beetje gelijk kunt hebben.” Zijn antwoord aan de ex-VRT-journalisten illustreert dit perfect. Hij brengt (zoals meestal in zijn columns) doordachte standpunten. Alleen slaat hij in zijn kritiek (wat de kern van zijn betoog uitmaakt) de bal helemaal mis. Zo te zien heeft hij bij het lezen van de open brief intenties ontwaart die helemaal niet terug te vinden zijn in de tekst (ik heb er de tekst vandaag voor alle zekerheid nog eens nauwkeurig op nagevlooid).

“De bewering dat Vladimir Poetin enkel uit zelfverdediging handelt, negeert zijn diepe en vijandige misprijzen voor de liberale democratie (…)” vind ik totaal niet terug in de text. De 4 journalisten beweren dit nergens en ik ben er zeker van dat geen van de 4 journalisten dit zelfs maar denken. Het is toch niet omdat je wijst op de geopolitieke fouten waaraan de Westerse democratische alliantie zich heeft schuldig gemaakt na de ineenstorting van de USSR en haar vazalstaten, dat je plots fan wordt van het Russisch regime?

De paragraaf “Het is verbijsterend om uitgerekend pacifisten te horen instemmen met een radicaal imperialistische wereldvisie waarin de grootmachten andere landen hun zelfbeschikking mogen ontzeggen en de wereldkaart onder elkaar verdelen.”, is dan ook van de pot gerukt. 

En dan het verwijt van victim blaming. De journalisten hebben nergens Poetin vrij gepleit maar herinneren eraan dat het opschuiven van de NATO-grenzen tot tegen de Russische grens een onveilige situatie creëert waarop het provocatieverwijt van Rusland te verwachten viel. Of Poetin echt een dreiging ziet in een mogelijke toetreding van Oekraïne tot de NATO doet niet ter zake, het geeft hem hoe dan ook het gedroomde alibi om zijn expansionistische ambities te legitimeren.  De oud-VRT-collega's stellen ook nergens dat Oekraïne een vredesakkoord moet aanvaarden onder de eenzijdige voorwaarde van Rusland.

Kritisch lezen en reageren kan op zich enkel aangemoedigd worden. Bij het formuleren van kritiek op een tekst houdt men zich echter best aan wat in die tekst echt staat en suggereert niet wat men er zelf in wil lezen.

Maar we treden Eeckhout dan weer helemaal bij wanneer hij schrijft: “Juist wanneer de wereld op hol slaat, is het zaak om koelbloedig en nuchter te blijven.”

Voor de rest ben ik nu eenmaal zelf één van die onverbeterlijke pacifisten die de opgeklopte oorlogsretoriek grondig beu zijn. De geschiedenis leert ons dat zulk militair opbod de start van een koude oorlog die het ontketenen van een echte (continentale of wereldwijde) slachtpartij enkel dichterbij brengt. De testosteronkereltjes die geilen op steeds grotere en gesofisticeerdere wapens moeten in toom gehouden worden. Tezelfdertijd besef ik ook wel dat je met een onberekenbare, tot de tanden bewapende buur beter je verdedigingscapaciteit op orde hebt. Dus ja, Europese defensie moet zich herorganiseren om slagvaardiger een eventuele aanval te kunnen counteren. Een grondiger coördinatie van EU-defensie, inclusief aankoopbeleid is een eerste voorwaarde vooraleer er mag gediscussieerd worden over (verplichte) voorthollende groei van de nationale defensiebudgetten.


 

vrijdag 3 januari 2025

Nieuwjaarsbrief 2025 - Weerbaar tegen de alomtegenwoordige oorlogsretoriek

In deze verwarde tijd wensen wij alle vrienden, dichtbij en ver, en alle mensen van goede wil, zoals dat in ver vervlogen tijden heette, een goede gezondheid en voorspoed maar nu vooral  

veel weerbaarheid in

 2025 

Weerstand tegen de voortdurende hersenspoeling waaraan niet te ontsnappen valt. Neen, niet de verzamelde media die ons pogen te reduceren tot willoos koopvee (nogal succesvol, trouwens) baart ons vandaag de grootste zorg; dat is immers oud zeer dat verzet ertegen bijna futiel maakt. Het is de huidige ongezien sluwe campagne die ons stap voor stap aan het overtuigen is dat oorlog nu eenmaal des mensen is en dat wij daar, of wij dat nu graag willen of niet, onontkoombaar deel van zijn. De brainwash injecteert het denkbeeld van een wereld opgedeeld in goeden en slechten die geografisch van elkaar te onderscheiden zijn. Om dat op ’t eerste zicht absurde idee makkelijker in te lepelen voorziet het verhaal een ‘offer you can’t refuse, een goddelijk geschenk dat ons zomaar in de schoot geworpen wordt:

De goeden dat zijn wij!

De slechten, dat zijn zij, de anderen.

Zo simpel! Wie gaat dit nu betwisten als je voor de keuze zou staan? Het addertje onder het gras dat niet verteld wordt, is dat aan de overkant, bij diegenen die niet wij zijn dus, precies hetzelfde wordt verteld maar dat de rollen ginder exact omgekeerd blijken.

Open deur, niets nieuws onder de zon? Vaneigens, dat is precies het fundament van oorlog, koud of warm. Het vijandbeeld moet verkocht worden aan de bevolking, dat is altijd zo geweest. En daar hoort natuurlijk de dooddoener bij: als jij de vijand niet op tijd neerschiet zal hij jou doodschieten. Even eenvoudig als geniaal, dat idee.

Probleempje voor politieke leiding: pakweg in de aanloop naar de eerste wereldoorlog kon je nog heel wat jongelingen in hun testosteronjaren enthousiast krijgen om zich glorieus op de vijand te storten. Het aangeprate nationalistische wij-gevoel, ondersteund door een wervend volklied, deed daarbij wonderen. Maar de eenvoudige lieden die wij zijn, ‘het volk’, zeg maar, zijn vandaag een ietsje minder naïef en beetje mondiger ook. Daarbij komt dat wij, mensen, opgezadeld zitten met iets wat wij tegenwoordig empathie noemen… curieus beestje. Wij voelen mee met vreugde én pijn van de ander. En dat blijkt niet enkel beperkt tot de eigen familie en vrienden. Ook niet tot de eigen bredere gemeenschap en, om het helemaal zot te maken, in zekere mate zelfs niet tot de eigen mensensoort. Dat sentiment is, naarmate de wereld steeds kleiner wordt (‘de wereld is een dorp’), evenredig aan belang gaan winnen en wij zijn ons daar steeds meer van bewust. Tja, dan wordt het lastig om mensen te motiveren om andere mensen, ook al spreken ze een andere taal, neer te knallen.

Gelukkig zijn daar een hoop trucs voor. Eerst de alomtegenwoordige media die kunnen ingezet worden om de ‘juiste ideeën’ te verspreiden. De laatste jaren zagen we hoe krachtig vooral de zogenaamde sociale media zijn om het bewustzijn van grote groepen mensen te kapen. Dat lijkt er in de toekomst niet minder op te worden.

Een tweede truc, bijna zo oud als de mensheid en nog steeds zeer à la mode: de ontmenselijking van de ‘vijand’. Russische soldaten zijn beesten, Palestijnen zijn terroristen, alle Arabieren zijn trouwens religieuze fanatici, zwarten zijn wilden, behoren dus niet tot de beschaafde wereld, joden zijn tegelijk woekeraars en communisten en dus Untermenschen,… qua framing kan de creativiteit niet op. Hoe absurd walgelijk dergelijke ideeën ook zijn, ze worden nog steeds verspreid en vooral: ze werken nog steeds. De meedogenloze uitroeiing van Gazanen en de totale vernietiging van hun woongebied, de moorddadige verdrijving van de Palestijnen van de Westbank, Putins imperialistische oorlog tegen Oekraïne en de massale verkrachtingen van burgers in zowat alle conflictgebieden ter wereld zijn daar even zovele getuigen van.

De derde truc, die pas de laatste decennia tot volle wasdom gekomen is: het steeds vergroten van de afstand tussen aanvaller en doelwit. Tot voor enkele decennia ging dat om kanonnen, vliegtuigen die klassieke dan wel napalmbommen losten en lange afstand raketten. Maar sindsdien worden bommen geleid vanachter computerschermen door nerds die een gaming tornooi lijken te spelen. Uitvoerders houden de illusie van propere handen. En wat dat betreft zijn de games zelf een godsgeschenk om jongeren voor te bereiden op de volgende oorlog. Tenslotte zijn er dan natuurlijk nog de meest gesofisticeerde AI-missiles die zelf autonoom hun doel kunnen bepalen en efficiënt vernietigen.

Je hoeft geen complotdenker te zijn om wel een systematiek in die evolutie te zien. Bepaalde politici, militaire leiders en een groeiende influencergemeenschap (in klassieke en nieuwe media) lijken helemaal ingenomen door die oorlogslogica. Hoeveel keer hebben wij de laatste maanden gehoord: wie vrede wil moet zich voorbereiden op oorlog? Het is een zinnetje dat plots trendy is geworden; niet enkel militairen maar ook academici en commentatoren apen het als volleerde papegaaien na via alle soorten media.

Tot zover het klimaat dat gecreëerd wordt. Is het nu niet het moment om even stil te staan bij wat het begrip ‘oorlog’ eigenlijk in houdt? Het eerste beeld dat daarbij in ons hoofd schiet is dat van twee legers die elkaar bevechten, m.a.w. soldaten van de ene partij tegen soldaten van de andere. Dit is ook het beeld dat domineert in bijna alle oorlogfilms. De beelden die vandaag tot ons komen tonen echter een andere realiteit. Vijandelijke soldaten zijn slechts één van de doelwitten in de strijd. De burgerbevolking is even goed een strategisch veel geviseerd doel, ook al zal geen van de partijen dat ooit toegeven. Het saboteren van elektriciteit- of gasvoorziening tot het radicaal vernietigen van elektriciteitscentrales vallen onder de categorie pesten van de bevolking. Daarnaast worden dorpen en steden platgebombardeerd en worden zelfs ziekenhuizen geviseerd. Boots on the ground leiden soms tot regelrechte slachtpartijen onder de burgerbevolking,  waarbij veelal geen onderscheid gemaakt wordt tussen vrouwen, mannen, ouderlingen of kinderen. Verkrachting van vrouwen is daarbij een ondergedocumenteerde praktijk die stijf van de stress staande soldaten ver van huis een moment van ontlading bezorgt. Op die manier wordt het moreel van de bevolking bewust gebroken. Dat is oorlog!

Behalve de industrialisering van de moderne oorlogvoering en de hoogtechnologische ontwikkeling die er bij hoort, is er in de loop van de geschiedenis weinig veranderd. Het bijbelse verhaal (zo’n 1000 jaar vóór onze tijdrekening, na de vlucht uit Egypte) waarin Jahweh Saul en de Israëliërs gebiedt om Amalek te vernietigen -“Dood alles en iedereen: mannen en vrouwen, kinderen en baby’s, koeien en schapen, kamelen en ezels.”- roept akelige gelijkenissen op met de huidige genocide in Gaza. Het is dan ook op dat stukje bijbelgeschiedenis dat Netanyahu en de extremistische leiders in zijn regering aanvoeren als legitimatie voor hun aangehouden slachtpartij in Gaza. Zie hierover Tim Brys’ artikel in De Standaard van 8 november 2023.

Het is hier relevant om ook nog eens een bekend citaat van Paul Valéry in herinnering te brengen.

La guerre est un massacre de gens qui ne se connaissent pas au profit de gens qui se connaissent bien mais.... ne se massacrent pas.

De filosoof heeft trouwens een aantal gelijkgestemde gedachten neergeschreven waarvan ik er hier nog 2 citeer:

Toutes les guerres depuis des siècles ont été des guerres de luxe, c'est-à-dire guerres dont l'idée génératrice était purement imaginaire, formée par quelques-uns et non par un besoin réel de la majorité, - et dont les bénéfices n'ont été qu'à une minorité ; ces quelques-uns n'étant pas tous du peuple vainqueur.

Je vais vous expliquer ce que c'est que la guerre. Deux "nations" - deux mythes - etc. mais en réalité des millions de gens qui s'ignorent entre eux dans chacune (...) Alors à un Signal (par qui, pour quoi donné, et pourquoi obéi ?) - tous ces gens-là entrent en transe d'obéissance et n'en est qu'un sur 100 000, dans l'un et l'autre camp, qui ne soit dans son fond bouleversé, accablé, ruiné, ahuri, etc. ...J'appellerai Guerres du type historique celles qui ne se passent pas de facteurs tout imaginaires. (...) Ces guerres "historiques" ne répondent à aucun besoin réel.

Om het even helder te stellen: het zijn niet de Russen die vijanden zijn van de Europeeërs. Het zijn niet de burgers die elkaar naar het leven staan. Het zijn niet wij noch zij die aansturen op oorlog. Het zijn hun en onze leiders die het zo ver laten komen, steeds weer opnieuw. Het zijn politici, militaire bevelhebbers, alle soorten volksmenners op tribunes en via media die ons zo gek proberen krijgen.

Mocht u dit nu lezen als een pleidooi om ons niets aan te trekken van de actuele Russische agressie, om elke militaire hulp aan Oekraïne stop te zetten of om de afschaffing per direct van ons leger te eisen, … leest u teveel. Voorbereid zijn op moeilijke tijden is altijd een goed idee, zonder meteen als gekken te beginnen hamsteren. Wat in Oekraïne gebeurt gaat ons wel degelijk aan, onze kwetsbare democratieën verdienen door iedereen ondersteund en beschermd te worden. In de huidige geopolitieke krachtmeting tussen nieuw samenstellende machtsblokken is investeren in militaire verdediging onvermijdelijk. Maar tezelfdertijd moet een pacifistische toekomst met alle middelen voorbereid worden. De weg daar naar toe loopt wellicht via een diplomatisch offensief op veel grotere schaal dan die na de 2de W.O. Dit gelijktijdig met een grondige hervorming van de huidige voortrazende economische modellen die ten grondslag liggen van zowel de Westerse democratieën als van de autoritaire “socialistische” of autocratische naties. De oligarchen en oligopolisten die met een brutaliteit zonder voorgaande de wereld aan hun tomeloze ambities proberen te onderwerpen, moeten definitief gekortwiekt worden. 

Dat klinkt natuurlijk allemaal naïef en ondoenbaar maar het is dat of met een rotvaart het armageddon tegemoet denderen. Hoe we dat in de praktijk voor elkaar krijgen is een zaak voor ervaren, rechtschapen politici die in staat zijn verder te denken dan constateren dat vijandigheid tussen volkeren des mensen is en dat het altijd zo zal zijn; die verder kijken dan de nationalistische reflexen die enkel product zijn van manipulatie van de natuurlijke morele sentimenten van burgers. Dit is waar wij moeten aan denken bij de keuzes die wij in deze onzekere tijden maken in het stemhokje én in het publieke debat. Sterkte.

Als toemaatje nog een toepasselijk YouTube muziekje van The Web. De parafrase van Tolstojs bekende romantitel wijst er op dat oorlog geen onoverkomelijk natuurverschijnsel is maar een keuze van mensen... bepaalde mensen:





https://youtu.be/3BECe9TkPJw?si=d1YKzQthuawL3zK0

zaterdag 2 november 2024

Democratie op zijn Gents

Mark Elchardus heeft recht op zijn mening (De Morgen, 2 november 2024) maar voor een prof sociologie lijkt me zijn invulling van het begrip democratie toch wat eng. In zijn kritiek op de nieuwe verkiezingsregels die de Vlaamse regering 4 jaar terug stemde en waar we nu de gevolgen van merken kan ik voor een stuk meegaan, grondige bijsturing is zeker aan de orde. Maar zijn kijk op het afwijzen van het bestuursakkoord dat vorige week aan de Vooruit-leden werd voorgelegd getuigt niet meteen van veel begrip over wat zich in Gent heeft afgespeeld. 

[de directe aanleiding voor het schrijven van deze tekst was inderdaad de bijdrage van Mark Elchardus in De Morgen maar is meteen een antwoord of commentaar op heel wat artikels die in de Vlaamse pers en op sociale media verschenen over het wegstemmen van het bestuursakkoord.]

Het klopt natuurlijk dat de tekst niet het product is van een partij maar van het kartel van Vooruit en Open Vld dat de meeste stemmen haalde. Dat een meerderheid van de Vooruit-leden, die over het akkoord kwamen stemmen, het ‘plots’ eenzijdig afwijzen, lijkt voor velen uit de lucht komen te vallen. Wij Gentenaars weten wel beter. Heel wat leden van Vooruit zijn al 2 jaar kwaad over de vorming van dat ‘onnatuurlijke’ kartel, zelfs zij die zich de laatste 12 jaar niet altijd konden vinden in bepaalde bestuursmaatregelen rond bijvoorbeeld mobiliteit, die ze te Groen gestuurd vonden. Voor hen was het duidelijk dat het kartel er gekomen is onder druk van hun voorzitter. Dat de Gentse socialisten Conner Rousseau niet meteen wandelen stuurden met zijn paarse droom heeft wellicht te maken met (verdiende) dankbaarheid voor het nieuw leven dat hij in de gehavende SPa bracht. Argwaan waarde door de gangen maar Rousseau kreeg het voordeel van de twijfel: Open Vld was zienderogen aan het krimpen, Vooruit keek uit op een remonte. De redenering werd: misschien dat het sociaal programma van de socialisten dan redelijk ongeschonden kon stand houden binnen het nieuwe kartel, ook al ging dat ten koste van de (niet altijd makkelijke maar wel vruchtbare) samenwerking met Groen. Groen zou hoe dan ook de eerste optie blijven in een toekomstige te vormen coalitie. Maar steentje in de Gentse schoenen blijft Conners kaping in 2021 van hét symbool van de Gentse sociale strijd: de naam Vooruit. Toen schreef ik ergens op de sociale “dat gaan de Gentenaars onthouden, Conner”. Awel… En dan groeit, vooral sinds zijn heropstanding uit zijn “bezinningsretraite” na een onsocialistische uitlating teveel, het beeld dat Rousseau tegenwoordig toch wel erg graag optrekt met ene Bart De Wever. En de irritatie houdt niet op: waar Gentenaars het ook lastig mee hebben is het overmatig centralisme en dirigisme van de hedendaagse partijpolitiek waar ook Vooruit niet aan ontkomt. Bemoeienissen vanuit Brussel werken in Gent als een rode lap op een stier. Het zit niet in ons DNA, om het nog maar eens met die verfoeide beeldspraak duidelijk te maken. Voor mijn part mag DNA vervangen worden door ‘karakter’ of ‘ziel’. Sommige commentatoren vinden ‘het rebelse karakter van de Gentenaar’ een mythe maar historisch is het zeker reëler dan de Vlaamse glorieuze identiteit van 1302 die nationalisten ons nog steeds proberen in te lepelen. Wij Gentenaren zijn het gewend om onszelf te organiseren “gelijk of da-me da zelve pijze”. Wij moeten niet van bovenaf verteld worden hoe we moeten leven. 

Het middenveld, Groen (en heel wat leden van Vooruit) vinden de garanties voor een progressief en sociaal beleid in de huidige versie van het bestuursakkoord niet sluitend. Maar zolang er met Groen gepraat werd zouden de onderhandelaars wel tot een akkoord komen… dacht men. Tot de stekker uit die gesprekken werd getrokken door… haha, dat gaan wij, gewoon straatvolk, niet te weten komen. Groen zegt dat het Voor Gent was en volgens Voor Gent (en hun supporters) waren het de Groen-onderhandelaars. Kan ons ook niks schelen: wij hebben er schoon genoeg van. Stilaan denken we hier de speelbal te zijn of de pasmunt in een koehandel tussen voorzitters Conner en Bart en daar passen wij voor. Die twee mogen Vlaams of federaal samen hun gang gaan, en als ze daar goesting voor hebben mogen ze Antwerpen en Sint-Niklaas zelfs fusioneren, voor zover hun achterban daar ook zin in heeft, maar dat ze met hun fikken van Gent blijven! Hun machtsspel op federaal of regionaal niveau moeten ze ginder uitvechten, daar hebben ze hier niets mee te zoeken.

Wel, meneer Elchardus, u schrijft terecht: 

Voor Gent onderhandelde een bestuursakkoord met N-VA. Dat werd verworpen, niet door de fractie Voor Gent maar door de leden van een van de partijen die het kartel vormden, Vooruit.” 

Maar dan: 

Waarom zouden de leden van een partij die zelfs niet bij de verkiezingen opkwam en evenmin als partij in de gemeenteraad zetelt mogen beslissen over welke bestuurscoalitie wordt gevormd? Waarom die beslissing dan niet overlaten aan bijvoorbeeld de Koninklijke Fanfare De Eendracht van Anzegem? Die heeft met Vooruit gemeen dat zij ook niet opkwam in Gent.” 

Wel, omdat er over het bestuursakkoord wellicht wel tot een iets beter compromis was gekomen met nog enkele dagen armworstelen. Dat dumpen van Groen voor N-VA was in het licht van al het voorgaande de druppel. Nu en dan moet democratie van onderuit ingrijpen om te verhinderen dat de interne partijdemocratie volledig wordt uitgehold door leiders die stilaan de voeling met hun basis verloren hebben en blijk geven van er een geheel eigen agenda op na te houden. Democratie is toch wel meer dan eens in de 6 jaar recht hebben om een bolletje bij een partij zetten en dan weer 6 jaar zwijgend ondergaan wat de verkozenen onder druk van hun leiding bedisselen. De vis waar u het over hebt, meneer Elchardus, is al jaren terug beginnen rotten en dan moet de oorzaak weg gesneden worden. Dat is het signaal dat links Gent gegeven heeft.

 

zaterdag 17 augustus 2024

Brusselmans' poging om afgestompte geesten wakker te schudden pakt verkeerd uit

 

Het mediacircus rond wat ondertussen de zaak Herman Brusselmans heet is nu wel in een heel andere (en gevaarlijke) dimensie beland. Laat ik meteen verwittigen dat ik de volledige column van Brusselmans, wegens geen Humo-abonnement, niet gelezen heb (maar dat hebben zo te zien de meeste querulanten in dezen ook niet) en dat ik mijn opwerpingen met gepaste bescheidenheid hoor te uiten. Toch lijkt het me nu wel hoog nodig al dat hysterisch gestook in perspectief te plaatsen. Ook al is de “doodsbedreiging” aan het adres van Humo adjunct-hoofdredacteur Matthias Vanderaspoilden, Brusselmans zelf en hun omgeving wellicht het werk van een onnozele clown die zich interessant wil maken, dit is van een heel andere orde dan wat de gewraakte column inhoudt en de mediadiscussie die zich ondertussen meer dan een week ontsponnen heeft. Nu gaat het wel degelijk om rechtstreekse doodbedreiging. Het verschil? Wat Brusselmans in het geheel van letterlijke citaten die ik las poneerde, was een verbeelding van een emotie waarin geen intentionele dreiging staat. Weinig subtiel, maar ook niets meer. Pas in de De Morgen van vrijdag 16 augustus (na 10 dagen heisa tot in de buitenlandse pers) heeft eindelijk iemand (Leo De Bock) de moed gehad om de belangen die spelen bij het moedwillig uit de context interpreteren van één zinnetje en daar meteen een juridische klacht aan te verbinden centraal in het debat te zetten. In tegenstelling tot de meeste andere commentatoren leest De Bock wat er staat, iets wat vandaag blijkbaar niet meer tot de vaardigheden van de gemiddelde burger behoort. Ondertussen is er dus die dreigpost op Instagram bekend gemaakt. Laat wat hier gebeurt nu net datgene zijn waar Brusselmans ons met de neus op duwt: hij verwoordt zijn eerste buikgevoel bij nieuws over alweer zoveel kinderen die vermoord werden door de Israëlische oorlogsmachine die, ongehinderd door de wereldwijde verontwaardiging van miljoenen en de veroordeling door het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, dag na dag zijn meedogenloze slachtingen kan blijven aanrichten.

Het woord ‘buikgevoel’ is belangrijk in het begrijpen van die tekst want dit is wat Brusselmans uitdrukt, daar kan echt niet naast gelezen worden. Hij maakt melding van iets wat wij allen voelen bij confrontatie met groot onrecht dat ons of onschuldigen wordt aangedaan. Gelijkaardig buikgevoel heeft ook niet alleen Israëlische burgers en Joden van over de hele wereld gevoeld bij de eerste beelden van de laffe terreuraanval van Hamas op 7 oktober, ook burgers van alle nationaliteiten en gezindten over de hele wereld hebben net hetzelfde gevoeld. Wellicht zullen deze mensen dit gevoel duiden als machteloze woede of zelfs agressie, eventueel vergezeld van wraakgevoelens die in ons brein ook visueel kunnen verbeeld worden.

Maar een buikgevoel is slechts de eerste instinctmatig gestuurde gewaarwording die ons “overkomt”. Het is een fundamentele eigenschap van de mens (en bij uitbreiding in zekere mate van minstens enkele andere zoogdieren), de basis voor empathie en solidariteit. Het is wat ons mens maakt en ons als soort helpt te overleven. Doorgaans communiceren wij dit eerste gevoel niet expliciet naar de buitenwereld, al zeker niet in het openbaar. Wij doorlopen eerst de fase van reflectie alvorens over te gaan naar (re)actie (in woord of daad). In het geval van bijvoorbeeld onmiddellijk gevaar zal ons instinct ons aanzetten de reflectiefase over te slaan. Maar een overweldigende emotie kan reflectie ook wel eens in de weg zitten of door simpelweg intellectuele luiheid kom je misschien niet aan het eerlijk in context plaatsen toe.

Terug naar Brusselmans. Wat hij doet is de doorgaans verborgen 1ste fase van woede met in dit geval extreem plastisch verwoorde wraakbeelden ongefilterd neerpennen. Brusselmans is geen uil, hij beseft heel goed dat hij hier de grenzen opzoekt van het toelaatbare maar gaat er net niet over. Hij provoceert in dit geval niet gratuit maar toont expliciet welke sentimenten bespeeld en opgepookt worden door beide kampen, zowel Hamas als de Israëlische overheid en hun beider aanhangers. Bij uitbreiding is dit het mechanisme dat we telkens zien terugkeren bij alle extreme vormen van “politieke” actie. Natuurlijk weet Brusselmans dat ‘de Joden’ op geen enkele manier verantwoordelijkheid dragen in de moorddadige acties van het Israëlische leger in Gaza en de gewelddadige landroof door de kolonisten van de Westelijke Jordaanoever. Hij kent duidelijk het verschil tussen de Joden overal ter wereld, Joodse burgers in Israël, de Israëlische overheid en de Zionistische activisten. Maar die kennis interfereert slechts na zijn eerste woedeoprisping (mogelijks al na een fractie van een seconde). Alleen weet Brusselmans ook dat al die gelijkhebberige commentaren op de vreselijke slachtingen ondertussen nog nauwelijks gelezen worden en wegens gewenning eerder onverschilligheid aanmoedigen. Met zijn column schopt hij heel even de geesten weer wakker. Dit beoogde effect is nu wel vele malen sterker dan bedoeld uitgepakt en vooral in de verkeerde richting: het gaat niet meer over het onmetelijke onrecht tegenover burgers, over de moord op kinderen dat wordt afgedaan als proportionele collateral damage maar over Brusselmans' vermeende antisemitisme. Dit is het enige wat men Brusselmans kan verwijten: zijn verkeerde inhoudelijke inschatting van het debat dat hij in gang gezet heeft. Benieuwd welke advocaat hier een geloofwaardige zaak over kan opzetten.

En ter overweging: ik hoor zowel vanuit wat ik enkel extremistische joods-zionistische lobbygroepen als weldenkende burgers die ergens met plaatsvervangende restschaamte over..., welja, antisemitisme en de holocaust die niet alleen Duitsland maar heel Europa of de Westerse democratie heeft getekend, blind de wraakacties tegen de hele Palestijnse bevolking gedogen, goedpraten. Elke kritiek daarop of uiting van steun aan de opgejaagde Gazaanse bevolking wordt gebrandmerkt als antisemitisme. Dat de Israëlische regering precies doet wat Brusselmans hier demonstreert, namelijk een hele bevolkingsgroep, (burgers -mannen, vrouwen, kinderen, babies, zonder onderscheid), een hele etniciteit gelijkschakelen met terroristische daden van een militie, wordt niet gezien. Dat Hamas zijn invloed dankt aan decennialange onderdrukking van de Palestijnse bevolking wordt graag vergeten. Niets kan de terroristische moordpartij van 7 oktober 2023 tegen Israëlische burgers -kibboetsbewoners en festivalgangers- vergoelijken. Maar de niets ontziende slachting in Gaza die erop volgde en tot op vandaag voortduurt is niets minder dan Israëls eigen versie van etnische zuivering ofte genocide. 

De vraag die hier dus incontournable levensgroot boven de hele  kwestie hangt is dus: als Netanyahu zo gebrand is op het uitroeien van antisemitisme,  waarom doen hij en de zijnen er dan alles aan om wereldwijd het antisemitisme aan te vuren? Gaat mijn eenvoudig verstand te boven. Niet hij maar de hele Joodse gemeenschap over alle continenten dragen daar nog  generaties lang de verschrikkelijke gevolgen van.

woensdag 9 augustus 2023

AI géén nieuw probleem, wel een wake-up call

“Machines were mice and men were lions once upon a time.

But now that it’s the opposite it’s twice upon a time”

nog altijd mijn favoriete quote van Louis Thomas Hardin, alias Moondog.

 

“Met de komst van artificiële intelligentie verdwijnt ons inschattingsvermogen en dat is gevaarlijk” is de wervende tekst boven een zoveelste "hot topic"-artikel dat ons de gevaren van AI probeert te duiden (DM 8 aug 2023, p. 3). Lovenswaardige poging maar klopt de bewering ook? Gelukkig bracht De Morgen enkele dagen eerder ook een interview met AI-expert Ann Nowé (DM 5 aug 2023, p. 10), die het AI-probleem in breder perspectief plaatste en er op wees dat AI al tientallen jaren in allerlei toepassingen gebruikt wordt. Nu, met de komst van tools als ChatGPT, een breed publiek toegang krijgt tot die technologie slaat de paniek plots toe… alsof het om een totaal nieuw probleem gaat dat uit de lucht komt vallen.

Om het meteen grof te schetsen: ons inschattingsvermogen wordt al sinds mensenheugenis op de proef gesteld. Wij hebben altijd moeten inschatten of wat men ons vertelde waar was, in welke mate informatie die met ons gedeeld werd gekleurd was en of daar eventueel bewuste manipulatie mee gemoeid was. Het probleem zit hem in het vertrouwen dat wij hebben in de verstrekker van de informatie (een persoon, instantie, autoriteit, medium,…) en onze kennis over hoe informatie tot stand komt. Dit geldt voor alle vormen van communicatie want de maker/zender van een boodschap kiest welke informatie hij brengt, hoeveel context hij daarbij geeft en de vorm waarin hij de informatie verpakt. Ook wanneer hij de informatie met de beste bedoelingen en naar bestvermogen zo correct mogelijk probeert weer te geven. Naarmate de samenleving in de loop der geschiedenis almaar complexer werd en daarmee ook de nood aan kennis/informatie om erin te functioneren, groeiden de mogelijkheden om de communicatie te manipuleren enerzijds. Anderzijds werden mensen ook steeds beter in het kritisch evalueren van de informatie die ze toe kregen, zij het dat enige mate van naïviteit toch altijd des mensen blijft.

Een bijzonder probleem doet zich voor met de ontwikkeling van de beeldtaal omdat ons brein is toegerust om beelden veel sneller en veel intuïtiever te lezen dan tekstuele boodschappen, meer vanuit de buik, zeg maar. Die snelheid betekent dat reflectie over de boodschap minder ruimte krijgt. Daarenboven hebben beelden veelal een zeer sterke emotionele impact. Niet voor niets lieten heersers doorheen de geschiedenis zichzelf en hun meest glorieuze momenten of symbolische mythes afbeelden door de kunstenaars die ze inhuurden. Toen in de 19de eeuw de fotografie ontstond kreeg die meteen het aura van venster op de wereld. Nu kon iedereen een waarheidsgetrouwe representatie van de werkelijkheid zien. Natuurlijk was dit een illusie maar het gevoel van bij het bekijken van een foto de werkelijkheid te zien is hardnekkig. Ook 200 jaar later hebben wij het nog steeds lastig om dat uit ons systeem te krijgen. Aan elk beeld dat ons wordt gepresenteerd liggen een hele reeks handelingen/beslissingen ten grondslag die het uiteindelijke resultaat deobjectiveren. Keuze van onderwerp, standpunt van de fotograaf, cadrage, precieze moment van afdrukken, keuze van negatieffilm of digitale gevoeligheid, keuze van papier en afdrukformaat,… allemaal elementen die mee de boodschap bepalen en kleuren. En dan heb ik het nog niet eens over de context waarin de beeldmaker zijn keuzes maakt, de omstandigheid waarin de toeschouwer een foto bekijkt, de eventueel meegeleverde titel of tekst die mee bepalen hoe een beeld geïnterpreteerd wordt en welke emoties die losmaakt. Als je dit complex vindt, bedenk dan dat het bewegende beeld (film) dit voor de consument ervan nog veel en veel moeilijker te beheersen maakt. En daarbovenop heeft dat bewegende beeld via televisie vanaf midden vorige eeuw stelselmatig onze privé-ruimte veroverd, zodat het ons denken voortdurend beïnvloed/aanstuurt. Tot daar voor wat betreft wat wij “de klassieke media” noemen.

Het artikel in De Morgen waarmee we begonnen stelt dan dat de traditionele media een verantwoordelijkheid hebben om ons te behoeden voor desinformatie want: “Zij zijn professionele factcheckers die betrouwbare informatie moeten produceren.” Tja, dit lijkt er van uit te gaan dat onze “oude” media totaal onproblematisch zijn waar het op waarheidsgetrouwe, onbevooroordeelde, “neutrale” informatiespreiding aankomt. Wij weten dat dit een illusie is. Wat niet weg neemt dat die media inderdaad een belangrijke rol kunnen spelen in het ontwikkelen van wat ik mediabewustzijn van het brede publiek noem. Maar er is een al minstens even belangrijke en wellicht nog veel efficiëntere speler die hier een enorme verantwoordelijkheid zou moeten in opnemen en dat is het onderwijs. Dat is een nagel waar ik al 40 jaar op klop in navolging van mediaonderzoekers als Marshall McLuhan (“the medium is the message”), Neil Postman (Amusing Ourselves to Death) en Len Masterman (Teaching the Media). Zij hadden het toen nog voornamelijk over de traditionele media maar in de jaren ’80 zagen we de digitale revolutie op ons afstormen en wisten we: het is nu om doen om onze en vooral nieuwe generaties voor te bereiden op de informatierevolutie die ons zou overrompelen. Ik stelde toen: als wij als samenleving de computer niet beheersen zal de computer ons wel gaan beheersen. Helaas hadden toen weinigen daar oren naar en al zeker de overheid niet.

Het probleem is niet AI an sich maar hoe wijzelf daarmee omgaan, net als altijd al het geval was met kranten, radio, televisie,... Ik zei al dat enige mate van naïviteit altijd des mensen blijft. En gelukkig ook: zonder verval je algauw in paranoia en cynisme en dat is het gif dat samenlevingen uit elkaar speelt. Daar profiteert dan weer de tribale antipolitiek van. Maar enig vertrouwen in mensen, overheden en de media die ons de nodige informatie bieden, hoeft niet te verzinken in onnozelheid. Burgers wapenen door ze al van op de jongste leeftijd mee te geven hoe media werken (inclusief sociale media en AI-toepassingen), welke technieken gebruikt worden om bepaalde boodschappen over te brengen en ideeën te verspreiden, hen leren zelf zo’n technieken te gebruiken (om ze al doende te leren doorzien), enz. is een begin. Daarnaast is het uiteraard ook uitermate belangrijk inzicht krijgen in wie de media bezitten, welke commerciële en politieke belangen gediend worden, enz. Het laatste decennium lijkt de nood aan begeleiding van burgers in de omgang met het steeds complexere, indringender en agressiever medialandschap eindelijk doorgedrongen. Getuige bijvoorbeeld de introductie van “mediawijsheid” als competentie in het onderwijs. Ik heb er geen zicht op hoe dat in de praktijk loopt maar het is al een stap. Voor de rest doet het moeilijke publieke debat over AI, tik-tok, fake-news, woke,… op termijn hopelijk ook de mist opklaren.

__________________

Marshall McLuhan: Understanding Media: The Extensions of Man, McGraw-Hill, 1964

Neil Postman: Amusing Ourselves to Death,  New York: Penguin, 1985

Len Masterman: Teaching the Media. Routledge, 1985

dinsdag 28 februari 2023

Zonder het Karmelietenklooster geen Gents Filmfestival

Deze tekst werd gepubliceerd in de Kleine Keizer Krant (Prinsenhof), januari 2023.

Weinigen beseffen het maar zo is het inderdaad. Het filmfestival is namelijk het geesteskind van Nederlander Ben Ter Elst die in de jaren ’60 als tiener van huis wegliep en een zwerversbestaan leidde. Door toedoen van 2 “vervangmoeders” belandde de dolende jongeling in het Gentse Karmelietenklooster (in de Prinsenhofbuurt) om er, onder de hoede van een zekere Bruno De Roeck, deel te nemen aan een alternatieve bijbelgespreksgroep: Diepgang. Of Bens zieleheil daar echt is gered en hij het licht heeft gezien, wordt niet verteld maar hij leerde er wel student André Posman[i] kennen, alsook Lieve Fevery. Zo geraakt Ben algauw ingeburgerd in de Gentse sien, ook al trekt hij nog jarenlang door Europa en Amerika. Eén constante begeleidt hem tijdens die tochten: zijn obsessie met film. Overal waar hij kan bezoekt hij bioscopen en dan vooral de art-house cinema’s. 

Stilaan rijpt het plan om het toen wat provinciale Gent te verrijken met ook zo’n culturele tempel, gewijd aan de 7de kunst. In 1970 starten een groepje ondernemende alternativo’s rond Dirk Liefooghe een culturele ontmoetingsplaats aan St. Anna (toen nog het Arteveldeplein) dat The One gedoopt werd.  Na de zomer van datzelfde jaar begon Ben Ter Elst daar films te vertonen en algauw werd de naam veranderd in Studioskoop. In januari 1974 lanceerde Ben de eerste editie van het Internationaal Filmgebeuren in cinema Select aan ’t Zuid. Een bescheiden 17 films stonden op de affiche maar van dan af zou het evenement jaar na jaar groeien tot het grote en gerenommeerde Film Fest Ghent vandaag. Dit alles zou er dus niet geweest zijn zonder ons buurtklooster waar Karmeliet Bruno De Roeck zijn zingevingbijeenkomsten hield.

Dit jaar vieren we 50 jaar Gents Filmfest/Gebeuren.

Deze foto dient een titel te dragen:
"Ode aan amateurisme en durf."
 

Daar mag Ben dit jaar toch nog eens extra in de bloemetjes voor gezet worden. Toch spannender tijden dan het afgelikte society gebeuren waarmee Gent vandaag op de kaart van filmland staat. En misschien is 50 jaar dé gelegenheid dat bij enkele ontsnapten uit de kudde het idee voor een OFF-gebeuren rijpt. Anyone?


[i] André Posman, leraar geschiedenis op rust en o.a. initiatiefnemer van concertzaal De Rode Pomp, vertelt dit verhaal uitgebreid in Skopiumschuivers, uitg. Snoeck 2017.

 

zaterdag 22 oktober 2022

Time is... money inleveren als je carrière erop zit,
maar ook...

Katia had nog nooit muffins gemaakt. Niet dat ik de indruk had dat ze dit als een groot gemis ervoer maar nu overkwam haar een onvermijdelijke bron van gemengde gevoelens: opruststelling ook wel gekend als pensioen. Tijd voor een nieuwe uitdaging, dacht ze en deze ochtend was het zover. Vanmiddag mocht ik als eerste een huisgemaakte muffin bij mijn koffie sampelen (engels voor monsteren, maar wie kent dat nog). Dat is dan een 10. Oogt ook mooi op de koffietafel. 


Maar waar ik het vandaag eigenlijk wil over hebben is... TIJD. Waar denk je aan bij dit eigenlijk abstracte begrip? Pensionering heet een mijlpaal te zijn en is dus geassocieerd met de voortschrijdende tijd die ons leven van begin tot einde begeleid, voortstuwt, stresseert,... Maar tijd is natuurlijk ook wat de kalender en het uurwerk aangeven en dus niet meer dan een afspraak. Al eens de wereldbol erbij gehaald om te zien hoe die afgesproken tijd in 24 uur de aarde helemaal rond draait? En waar vertrekken we? Juist: Greenwich, het universele nulpunt want vastgelegd toen onze Engelse vrienden dachten dat ze het middelpunt van het universum waren (velen denken het nog). Nu ja, er zijn wel meer historische anomalieën waarmee te leven valt, eigenlijk maakt het vandaag geen zier uit... als het werkt. Het is het praktisch. 

Wij weten dat het 12 uur op de middag is als de zon op het hoogste punt staat. Althans, de mensen in Greenwich weten dat want als de zon hier het hoogste punt heeft bereikt moet London nog wel meer dan 10 minuten (ik schat het maar op zicht) wachten om dat te vieren. Om evidente praktische redenen hanteren we niet het moment dat de zon boven onze eigen lokale hemel hoog staat als ijkpunt om onze klok gelijk te zetten maar spreken we een gezamenlijk moment af voor een hele regio. Dat is handig. Hoewel wij maar een 10-tal minuten van Greenwich verwijderd liggen, sluiten wij aan bij de groep landen die Greenwich Mean Time (GMT) +1 hanteren. Als we kijken naar onze huiskamerwereldbol dan zien we dat dit (niet toevallig) de Berlijnse tijd is (dat is de eerste van de 24 meridianen waarmee we de aarde zoals een mandarijn in partjes verdelen. Berlijn ligt meer dan drie kwartier van Gent verwijderd. Op zich niet zo erg, het praktische nut van deze conventie verantwoordt die keuze. Dat de zon hier pas rond pakweg 12 voor 1u 's middags haar hoogtepunt bereikt, daar valt mee te leven. Berlijn ligt nog bijna op steenworp afstand van Gent, zou je kunnen stellen... alles is relatief nietwaar. Onze biologische klok kan dat wel aan dus tot zover geen probleem. 

Maar mensen die over zulke dingen hun zeg hebben -beleidsmakers, zeg maar- lijken het lastig te hebben om goeie afspraken tot nut en vermaak van iedereen hun werk te laten doen. Aangevuurd door allerlei duistere belangen, die niet noodzakelijk de belangen van de modale burger zijn, hebben ze ooit (in 1978, dacht ik) beslist om in de zomer GMT +2, zijnde het Oekraïense uur, te gebruiken. Dat is niet meer naast deur: als Zelensky zijn klokkentoren in Kiev 12 keer hoort bimbambeiëren, doen wij dat ook. Zoals wij ondertussen weten ligt Kiev voor een jeugdige persoon van mannelijke kunne op een plasstraal van Poetintijd. Een toch wel extreme vorm van solidariteit die enkel in de zomer wordt opgelegd. Die biologische klok, daar wordt hooghartig een middelvinger naar opgestoken. Die moet zich 2 keer per jaar aanpassen, er gelden nu eenmaal andere belangen. En wat met de energiebesparing die je scoort met dat zomeruur, hoor ik iemand vragen. Dat blijkt een fabeltje te zijn dat al jaren is doorprikt. In veel gevallen is die winst miniem of zelfs onbestaande en daar waar een verschuiving in energieverbruik wel nuttig zou kunnen zijn, kan je dat per geval gewoon zelf aanpassen. Zoveel money is tijd dus ook weer niet. 

Ondertussen blijft de jaarlijkse discussie hierrond doorgaan en hoewel de Europese geesten tegenwoordig in ruime meerderheid gewonnen zijn voor de afschaf van dat gedoe met uurwerken en klokken 2X per jaar, wordt die omslag jaar op jaar uitgesteld omdat een deel van de kiezers, ook in België, liever permanent in Oost-Europese tijd zouden leven dan in Midden-Europese. Reden? Het illusoire maar wellness bevorderende idee van dan altijd in de zomer te leven. 😵 en nu gij! (En toens ikke were)

https://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/a/ad/Standard_time_zones_of_the_world.png/1500px-Standard_time_zones_of_the_world.png